‘Voor verplicht energielabel C in 2023 moeten kantooreigenaren nu al een plan hebben’

02-02-2018

In 2023 moeten bijna alle kantoorgebouwen van 100 m2 of meer ten minste een energielabel C hebben. Dat is al enige tijd bekend, maar lang niet alle eigenaren bereiden zich daarop voor. “En vijf jaar gaat sneller voorbij dan je denkt”, zegt Erik de Jong. Hij is bij ons adviseur in energie en duurzaam bouwen.

Lees verder

‘Voor verplicht energielabel C in 2023 moeten kantooreigenaren nu al een plan hebben’

ILT: streng handhaven 

Nederland telt meer dan 67.000 kantoorpanden met een vloeroppervlak van in totaal bijna 85 miljoen m2. Nu al moet bij transacties (huur of koop) sowieso een energielabel worden vastgesteld. “Dat gebeurt niet altijd. Afgelopen jaar hebben al behoorlijk wat eigenaren daarvoor een boete gekregen”, meldt De Jong. “De ILT, Inspectie Leefomgeving en Transport, handhaaft vanaf 2023 streng of kantoorgebouwen wel minimaal label C hebben.” De verwachting is dat alle kantoren in 2030 gemiddeld zelfs over energielabel A moeten beschikken. 

“Voor een kantoorpand met nu bijvoorbeeld label G moet je zo langzamerhand echt al een plan gaan maken”, zegt de adviseur. “Is je dak qua onderhoud aan de beurt, dan kun je nu al dakisolatie meenemen. Maar daarvoor moet je natuurlijk wel geld reserveren.” 

Ingrijpende maatregelen vaak noodzakelijk 

De Jong constateert dat veel eigenaren de kosten die nodig zijn voor label C onderschatten. “Soms ben je inderdaad met het aanbrengen van een paar PV-paneeltjes klaar”, zegt hij. “Maar in veel gevallen zijn aanzienlijk ingrijpendere maatregelen noodzakelijk. Daar kun je je als eigenaar best op voorbereiden. En er zijn genoeg kansen om bij onderhoud ook direct een extra stap te maken.” 

LBP|SIGHT beschikt over de ervaring en expertise om ondernemers daarin bij te staan. “Wij kunnen het huidige energielabel vaststellen en kijken welke maatregelen nodig zijn”, aldus De Jong. “En ook welke consequenties die hebben voor het binnenklimaat.” Op basis van kengetallen geven onze adviseurs vervolgens aan welke investeringen aan de maatregelen zijn verbonden. 

Uitzonderingen 

Overigens zijn er ook kantoren die buiten de verplichting van label C gaan vallen. Dat geldt bijvoorbeeld voor gebouwen die voor minder dan 50% uit kantoorruimte bestaan. “Dat zie je nogal eens in de metaalsector”, zegt de adviseur. “Die telt veel bedrijven met grote loodsen en een klein kantoor”, legt hij uit. “Daar zitten de vierkante meters dus vooral in de hallen en niet in de kantoorruimte.” 

Ook panden die binnen twee jaar worden gesloopt, onteigend of getransformeerd hoeven in 2023 geen energielabel C te hebben. Dat geldt eveneens voor monumenten van rijk, provincie en gemeente. Maar beschermde stads- en dorpsgezichten behoren weer niet tot de uitzonderingen. 

Marktwerking en imago 

Wetgeving is trouwens niet de enige reden om tot energielabel C over te gaan, benadrukt de adviseur. “Eigenaren worden ook gedwongen door de marktwerking”, zegt hij. “Een energieslurpend gebouw ligt slecht in de markt en is niet best voor je imago. En de banken stoppen op den duur met het financieren van panden zonder groen label.” 

Kosten uitsparen

De Jong vindt dat een goede ontwikkeling. “Wist je dat 40% van de CO₂-uitstoot uit gebouwen komt?” stelt hij. “Bovendien bespaar je met energiezuinige maatregelen kosten. Isoleren, zonwering, HR-glas, ledverlichting en warmteterugwinning uit ventilatie leveren gewoon geld op”, somt De Jong op. 

Gezonder, veiliger én comfortabeler 

“Wij komen nog regelmatig gebouwen tegen zonder enige warmteterugwinning uit mechanische ventilatie”, zegt de adviseur. “Terwijl het toepassen van warmteterugwinning uit de ventilatie een belangrijke maatregel is. Maar die kan soms wel ingrijpend zijn”, voegt hij daar aan toe. “En met een goede thermische schil kun je verder ook nog kijken naar het gebruik van warmtepompen. Zo maak je een gebouw voor de gebruikers gezonder, veiliger én comfortabeler.”